Konec

De Nieuwe Snaar

De Nieuwe Snaar is zonder meer één van de opmerkelijkste acts die rondloopt in de Lage Landen. In haar dertigjarige geschiedenis maakte De Nieuwe Snaar elfvolwaardige theatervoorstellingen, speelde ruim drieduizend zeshonderd (3.600!) concerten in binnen- en nabije en verre buitenlanden en heeft een repertorium van om en bij de tweehonderd liedjes, stunts en sketches…
Het mooiste orkest van de wereld met een duizelingwekkend instrumentarium waaronder heel bizarre muziekmachines, geeft de laatste ronde. Nog één ultieme keer droogkomisch muziekvariété vol absurdisme en visuele grappen en dan krijgt De Nieuwe Snaar een welverdiende plaats in de annalen van Vlaanderen en Nederland.
Met: Jan De Smet, Kris De Smet, Geert Vermeulen en Walter Poppeliers

Recensie
Het was even schrikken toen De Nieuwe Snaar in het voorjaar van 2011 aankondigde dat de volgende tournee meteen ook de laatste zou worden. Het gezelschap rond Jan De Smet trok de voorbije decennia keer op keer volle zalen, en was door haar eclectische mengeling van slapstick, theater en muziek uitgegroeid tot een monument in België en Nederland. Frontman Jan De Smet liet in die periode optekenen dat het de jongste paar tournees alsmaar moeilijker werd om nieuwe invalshoeken te vinden en elkaar te blijven verrassen. De groep -die in het buitenland wel eens de Vlaamse evenknie van The Marx Brothers werd genoemd- werkt dus momenteel een serie afscheidsconcerten af waarin de hoogtepunten uit hun rijkgevulde repertoire netjes gegroepeerd worden, en bijgevolg had ik graag geschreven dat deze laatste voorstelling even briljant, speels en bevlogen is dan de vorige tournees. Maar dat zou gelogen zijn. De waarheid is dat De Nieuwe Snaar in het Openluchttheater van het Rivierenhof in Deurne – zowat de mooiste concertlocatie van Vlaanderen- bij momenten een erg geroutineerde indruk maakte, en sommige passages zo zichtbaar op automatische piloot afwerkte dat je er als toeschouwer wat ongemakkelijk van werd. Misschien onvermijdelijk voor een band die meer dan vijfduizend optredens op de teller heeft, niets meer hoeft te bewijzen én de eindmeet strak voor ogen houdt. Op het repertoire zélf viel uiteraard niets af te dingen: nummers als ‘Wie zou je willen wezen’, de tot aan onze gloednieuwe koning upgedate versie van de ‘Dynastie Rap’,en het knappe ‘In de hemel is geen Dylan’ zaten vol spitse woordspelletjes, dubbele bodems en grappige vondsten. En de muziek was -zoals je dat inmiddels gewend was geraakt- een kruisbestuiving tussen rock en rap, country en jazz, klezmer en folk. Opmerkelijk ook, hoe de leeftijd kennelijk geen vat leek te krijgen op violist Geert Vermeulen, die als vijftiger nog steeds moeiteloos in een draaiende betonmolen raakte, en halsbrekende stunts uithaalde in de nok van het podium. En toch voelde je zelfs daar dat het hart er niet helemaal inzat. Vooral Kris De Smet leek er met zijn spreekwoordelijke pet naar te gooien, en zong alsof de juiste toonhoogte er al bij al niet zo gek veel meer toe deed: bij ‘Peukje’ – een nummer uit de voorstelling Hackádja!- hoorde je de verveling haast door iedere zin schemeren. Jan De Smet zélf deed nog wel moeite om de boel bij elkaar te houden -al werd zijn vraag om even Boe! te roepen wel erg gretig beantwoord- en gelukkig waren de drie centimeter extra op het podium -drummer Stoy Stoffelen, alleskunner Jean Blaute én voormalig School Is Cool-violiste Nele Paelinck er om het enthousiasme erin te houden. En in de laatste bisronde -met ‘De Zwemmer’ en ‘De Fotografie’ voelde je de magie van weleer toch weer even doorschemeren. Maar toch: dit was niet het concert waarmee je je De Nieuwe Snaar wilde blijven herinneren. Voor het Antwerpse publiek heeft de groep dus nog wat goed te maken volgend jaar, wanneer de groep in het Sportpaleis als centrale gast op de Nekka Nacht voor de allerlaatste keer samen op het podium staat. ‘Konec’ in Deurne was een einde in mineur.
Back to Top